Graag gelezen: Kelderkind – Kristien Dieltiens

Ja, de tekstchirurg leest wat af, moet je zo langzamerhand denken. Maar wees gerust: ik ben mijn schade aan het inhalen na lange maanden van hard werk. Af & toe komt er zo weer eens een gaatje vrij om een boek te lezen. En onlangs kwam er in zo’n vrij moment een prachtboek mijn leeservaring binnengedonderd, waardoor dat gaatje een gat in mijn agenda werd. Het is lang geleden dat ik nog eens de luxe heb genomen om mij gewoon een dag lang te zétten met een boek, en de wereld te laten ronddraaien tot het uit was. Dit was zo’n boek: Kelderkind van Kristien Dieltiens.

Het stond al maandenlang op mijn lijstje van te lezen boeken, maar ik had het wat laten chambreren. Er waren twee redenen waarom het mij meteen aantrok, zodra ik erover hoorde: een van de hoofdpersonages heeft een ‘hazenlip’ en het andere hoofdpersonage is Kaspar Hauser. Ik kende die naam van horen zeggen uit de Duitse literatuur, maar wist niet eens dat het om een historisch personage ging. Nu dus wel, en dat trok meteen mijn aandacht. Ik ben een notoir liefhebber van historische romans, dus dit boek had elementen genoeg om het meteen op mijn lijstje van te lezen boeken te zetten.

Twee verhaallijnen

Genoeg ingeleid, waar zal ik beginnen?

Het is een prachtig boek. Lees het.

Dat zou voldoende moeten zijn, maar toch iets meer. Er lopen twee verhaallijnen door het boek – eerst parallel, en langzaam meer en meer verweven.

De ene verhaallijn gaat over het historische personage Kaspar Hauser, een 16-jarige vondeling die in 1828 op pinkstermaandag opeens als uit het niets opduikt in Nürnberg. Hij kan nauwelijks lopen of spreken en heeft in zijn hand twee brieven die naar zijn afkomst verwijzen. Er wordt vermoed dat hij jarenlang zou hebben opgesloten gezeten, maar niemand weet er het fijne van. Mysterie, mysterie.

De andere verhaallijn volgt Manfred, een jongen die geboren is met een gespleten lip, in een tijd waarin de chirurgie helaas nog niet zo ver stond dat je daarmee met een fatsoenlijk gezicht kon eindigen. Lelijkheid ten top dus, en uitstoting, bespotting en wat al nog meer is zijn deel.

Wat beide personages met elkaar te maken hebben, ga ik hier echt niet vertellen, daarvoor moet je het boek lezen.

Psychologische diepgang

Wat ik wel wil vertellen, is dat ik ontzettend heb genoten van dit boek – vooral van het psychologische portret van Manfred. Je ziet hem opgroeien, zijn leven leiden in ‘lelijkheid’, worstelen om niet ten onder te gaan aan de reacties van de buitenwereld op zijn gezicht. Je ziet hoe de wereld zich langzaam dichttrekt over hem heen en hem uitstoot naar de schaduw. Je ziet ook de weinige ankerpunten waar hij zich aan probeert vast te houden: zijn moeder, zijn vriendschap met Hubert (wat ik trouwens een van de meest ontroerende elementen in het boek vond), de heiligen, de vrouw die verschijnt in zijn leven. Maar bovenal: je begrijpt hem. Enfin, ik toch. Ik kan mij alleen maar de horror voorstellen die het moet betekenen om met deze gezichtsafwijking op te groeien in een wereld zonder plastische chirurgie en zonder onze huidige reflex van politieke correctheid tegenover mensen die er anders uitzien.

Anyway. Manfred gaat duistere wegen, maar je begrijpt hem op elke stap van zijn weg. Je ziet ook hoe ingenieus die weg wordt geplaveid door de auteur, die op een strategische manier de personages uitzet als op een schaakbord, zodat ze niet anders kunnen dan doen wat ze doen. Je ziet het noodlot zich voltrekken voor je ogen, en dat is een bijzonder boeiend en fascinerend schouwspel.

En dan is er Kaspar. En met dat ene zinnetje zeg ik meteen al heel veel. Want ik moet toegeven: iedere keer dat ik aan een deel over Kaspar toekwam, telde ik stiekem de pagina’s om te weten hoeveel ik nog moest doorlezen tot ik weer aan Manfred toekwam. Het verhaal van Kaspar wordt grotendeels verteld via zijn dagboekfragmenten, en daar kon ik mij niet van de indruk ontdoen dat de auteur veel interpretatie en psychologische duiding in zijn woorden had gelegd waar het personage zelf waarschijnlijk nooit zou zijn opgekomen. Het was wel mooi, die duiding, en vaak ook diepzinnig en poëtisch verwoord, maar echt raken deed het mij toch nooit op een emotionele manier zoals bij Manfred.

Een ingenieuze pageturner

Hoe dan ook, naarmate beide verhaallijnen dichter bij elkaar kwamen en in elkaar begonnen verweven te worden, raakte ik toch ook meer en meer gefascineerd door het verhaal van Kaspar. Echt op hetzelfde niveau komen beide vertellingen niet, vind ik, maar ik had wel grote bewondering voor hoe de auteur de beide verhaallijnen in elkaar verweeft. En laat ons wel wezen, voor een ongedurige lezer als ik is het heel veelzeggend dat ik voor dit boek mijn vrije zaterdag een zaterdag liet wezen en alles aan de kant schoof om maar één ding te doen: mij in dit boek te gooien en het te lezen tot het uit was. Het is jaren geleden dat ik mij nog eens zo rücksichtslos in een boek gesmeten heb. Want het is een ontzettend vlot geschreven pageturner.

En tot slot

Nog een woord over de illustraties: die zijn van Carll Cneut en ze zijn prachtig. Kijk gewoon naar de cover en je weet genoeg. Een beeld om naar te blijven kijken. Ook de kleine tekeningen binnenin die symbool staan voor Manfred en Kaspar zijn treffend: simpel en mooi.

Verder heb ik heb heel erg genoten van de citaten tussenin, op de scheidingspagina’s tussen de verschillende delen. Daar staan kleine juweeltjes bij, en ik apprecieerde heel sterk het feit dat het laatste citaat onvertaald in het Duits staat. Velen vinden Duits een onsexy taal – wel, ik vind dat Duits een mooie taal is, en dit laatste citaatje gaf aan het verhaal, dat zich in Duitsland afspeelt, net dat kleine kleuraccent dat het helemaal af maakte.

Ten slotte vond ik – die een notoir hater ben van open eindes – die keuze deze keer heel erg geslaagd. Ik voor mij weet zò wat hij gaat kiezen. Maar het hoeft niet gezegd. Als je deze openheid niet kunt invullen, dan heb je het boek niet goed gelezen.

Lezen!

Ik kan maar één ding zeggen: kopen en lezen, dit boek. Trek je niets aan van leeftijdscategorieën – het staat gelabeld als ’15+’, dus uitgeeftechnisch valt het onder ‘jeugdliteratuur’, maar laat dat vooral geen reden zijn om er als volwassen lezer aan voorbij te gaan. Een goed boek is een goed boek.

Schrijf een reactie