De hang naar kapitalen

maandag 15 juni 2015

Ik ben het de laatste tijd een paar keer tegengekomen in mijn redactiepraktijk: Nederlandse titels die met hoofdletters worden geschreven waar dat niet hoeft, en volgens de Nederlandse spellingregels eigenlijk ook niet hoort. Een paar fictieve voorbeelden: ‘De Hang Naar Kapitaal’, ‘Mijn Leven Met Twee Katten’, ‘Te Voet Naar Parijs’. Volgens de Nederlandse spelling moet dat respectievelijk zijn: ‘De hang naar kapitaal’, ‘Mijn leven met twee katten’, ‘Te voet naar Parijs’.

Waarom beginnen mensen opeens titels vol hoofdletters te schrijven in het Nederlands? Een verklaring ligt voor de hand: de meesten van ons lezen veel Engels (op het internet en elders), en in het Engels worden de belangrijkste woorden in een titel met hoofdletters geschreven. Een paar bestaande voorbeelden: ‘Game of Thrones’, ‘Far from the Madding Crowd’, ‘The Englishman Who Went Up a Hill But Came Down a Mountain’. Als je dat gebruik aldoor rond je ziet in het Engels, kun je op den duur beginnen twijfelen of je dat ook niet in het Nederlands zo moet doen.

Niet dus. In het Nederlands zijn we tamelijk zuinig met hoofdletters. Ook als het gaat om eretitels en functiebenamingen moet iemand al van erg hoge komaf zijn om een hoofdletter te verdienen. We schrijven over koning Filip, paus Franciscus, de minister van Onderwijs, de algemeen directeur van een onderneming … Meer daarover volgt nog wel eens in een aparte blogpost, maar het punt is: in het Nederlands strooien we niet zo snel met kapitalen.

Terug naar de titels. Tenzij je Gerard Reve of Winnie de Poeh heet en graag Belangrijke Woorden een Hoofdletter meegeeft om er wat Extra Gewicht of een Ironische Lading aan te geven, volstaat het om het eerste woord van een titel met een hoofdletter te schrijven. Behalve uiteraard als er in de titel nog een eigennaam, plaatsnaam, merknaam … voorkomt. Die krijgt dan net als in lopende tekst ook een hoofdletter. Bijvoorbeeld: ‘Haar naam was Sarah’, ‘Nachttrein naar Lissabon’, ‘Apple of Windows? De keuze is aan u’. Een enkele keer kan het wel gepast zijn om een woord met een hoofdletter te schrijven om het een extra lading mee te geven, bv. ‘Het grote Niets’, maar ik zou er toch spaarzaam mee zijn.

Wat doe je dan met Engelse titels in een Nederlandse tekst? Schrijf je ‘Ik ben gisteren naar Far from the Madding Crowd gaan kijken’ (de Engelse conventie) of ‘Ik vond Matthias Schoenaerts geweldig in Far from the madding crowd‘ (de Nederlandse conventie)? Taaladvies stelt dat beide kunnen, maar geeft de voorkeur aan de Nederlandse conventie. Ik geef toe dat ik zelf doorgaans de Engelse conventie volg, maar dat zal de anglist in mij zijn. Ook redacteuren hebben soms hun persoonlijke voorkeuren …

In elk geval raadt ook Taaladvies af de Engelse conventie door te trekken in Nederlandse titels en daar alle woorden met een hoofdletter te schrijven. Niet doen dus.

Tot slot. Gewoontes zijn hardnekkig, en de menselijke geest is zwak. Als je toch de onbedwingbare neiging zou hebben om een Nederlandse titel vol kapitalen te stoppen, dan kan ik de shocktherapie van dr. Switzer aanbevelen.


Het uitroepteken

donderdag 26 januari 2012


Het idee voor deze blogpost zat al in mijn gedachten net na het schrijven van de vorige, en dat is inmiddels bijna drie maanden geleden. Kun je nagaan hoeveel weerstand ik heb tegen het uitroepteken.

Want het is ook een monster! Niet zo erg als de puntkomma, maar toch, het is er verre familie van in zijn irritatiefactor.

Een uitroepteken geeft kracht aan een zin, maar vaak doet het dat met zoveel bombarie dat al die kracht verloren gaat.

Mijn motto is: less is more. Vergelijk dat met: less is more! Nadrukkelijk gillen, met de borst vooruit. Je ziet het zo voor je. Je ziet het zo voor je! Toch?!

Nog erger is het als iemand twee uitroeptekens na elkaar gebruikt. Dat is werkelijk nergens voor nodig!! Twee uitroeptekens (of meer) naast elkaar hebben hoegenaamd geen enkele cumulatieve kracht. Integendeel, ze verwateren het effect waar je bij staat. Hoe meer uitroeptekens je nodig hebt, hoe minder kracht er uitgaat van je woorden zelf. Als je er zoveel bewijsmateriaal aan moet toevoegen, dan is je mededeling al geïmplodeerd nog voor ze er goed en wel staat.

Een uitroepteken kan. Een zeldzame keer. Om iets écht heel krachtig te onderstrepen. Maar het wordt vaak op een proselytische manier gebruikt, om mensen te overtuigen van het eigen groot gelijk. Met de vuist op tafel te slaan.

Het uitroepteken ruikt naar propaganda en pamfletten. Kameraden! Waarde landgenoten! Het heeft zo’n verheven bezielingsdrang en overtuigingsijver dat ik er niet goed van word. En als ik over het uitroepteken schrijf, ga ik vanzelf dure en grote woorden gebruiken. Want voor het uitroepteken is het ondermaanse niet goed genoeg. Neen! Het moet groot, ronkend en verheven klinken om gewaagd te zijn aan de explosieve munitie onder in dat kleine puntje, dat de streep naar boven doet knallen. Romantiek, mijn beste! Verheven, bovennatuurlijke krachten! 19de-eeuwse interpunctie!

Ach, een vriend van het uitroepteken zal ik nooit worden. Ik gun ieder diertje zijn pleziertje, maar vraag mij niet om uitroeptekens te gebruiken. Ik roep niet graag, en zeker niet al schrijvend. Liever bedien ik mij van een punt om rustig en beslist een einde te zetten achter een mededeling. Zonder bombarie, zonder gedruis.

Blijkbaar ben ik niet de enige die een aversie heeft tegen het uitroepteken, want al researchend kwam ik goed gezelschap tegen.
Veel kijkplezier!

drs. P.: Het uitroepteken

Seinfeld: Elaine and Mr Lippman

Seinfeld: The Sniffing Accountant


Is goede spelling belangrijk?

zondag 2 oktober 2011

Ja en neen.
Het is het einde van de wereld niet als je een spelfout maakt. We zijn alleen zo opgevoed, met het idee dat het een intergalactische ramp is als je een d schrijft waar een t hoort te staan, of een ei waar een ij moet.

Heeft dit belang? In het licht van de eeuwigheid natuurlijk niet. Op je sterfbed ga je niet verzuchten: ‘Ik wou dat ik een betere speller was geweest tijdens mijn levensdagen.’ Neen, je kijkt terug op wat er echt toe deed: de liefde, het leven, je inzichten, je ervaringen, je geluksmomenten, passie, wijsheid, vergeving, enzovoort.

Doet spelling er dan niet toe? Toch wel, maar ik wil vooral de bottomline meegeven dat het een conventie is.

Spelling is geen zaak van harde wetten, van lijfstraffen in geval van overtreding. Het is een zaak van afspraken, om de verstaanbaarheid tussen taalgebruikers in eenzelfde taalgebied te vergemakkelijken. Als ik West-Vlaams schreef, zou de helft (of meer) van mijn lezers snel afhaken. Als ik men text zou doorspeken met zpelfauwten dan sou het iedz moejleker gaan om ales flot te leezen.

Maar bekijk een Nederlandse tekst van honderd jaar geleden en je begrijpt meteen dat spelling relatief is. De visch werd vis, zoo werd zo, en den hond die men toen zag, werd gewoon de hond. Taal evolueert, onvermijdelijk, en de spelling evolueert mee.

Is de Nederlandse spelling makkelijk? Neen. Is ze logisch? Absoluut niet. Ik heb in mijn leven al een stuk of drie spellinghervormingen meegemaakt, en ook ik zucht iedere keer als er nog maar eens regels herzien worden. Regels waarmee we vroeger, als kind of student, om de oren geslagen werden als met de hand Gods.

Waarom is spelling dan belangrijk?

  • Omdat een correct geschreven tekst makkelijker leest, want hij volgt de conventies die we gewoon zijn. Niets leidt ons af op het oppervlakteniveau, de tekst gaat vlot binnen omdat hij ons verwachtingspatroon volgt. Een spelfout leidt af en verstoort de concentratie voor wie erop let.
  • Omdat je er een goede indruk mee maakt. Draai of keer het zoals je wilt: voor velen oogt een tekst met spelfouten slordig, onprofessioneel en – ik durf het bijna niet te zeggen – iets minder intelligent dan een zonder spelfouten.
  • Is dat een gegronde indruk? Soms niet. Ik ken mensen die bijzonder intelligent zijn, maar die dyslectisch zijn (woordblind) en daardoor geen zin correct kunnen schrijven. Maar soms heeft het ook te maken met onzorgvuldigheid. Gehaastheid om een tekst de wereld in te jagen, zonder nalezen. En soms, tja, soms heeft het ook te maken met een gebrek aan aanleg of interesse voor taal en spelling bij de schrijver in kwestie.

    Is dat erg?
    Neen, want zelfs met spelfouten is een tekst hoogstwaarschijnlijk verstaanbaar.
    Ja, want in contexten waar men zwaar tilt aan spelfouten (sollicitatiebrieven, publicaties, officiële documenten,…) gaat je imago snel onderuit als er een paar missers in je spelling zitten.

    Moraal van het verhaal? Spelling is onbelangrijk in het licht van de eeuwigheid en de Grote Vragen zoals de zin van het leven, de liefde en de dood. Spelling is belangrijk in de context van ons ondermaanse bestaan, waar je maar al te vaak wordt afgerekend op kleine fouten.

    Oplossingen? Gebruik de spellingchecker. Gebruik het Groene Boekje of Van Dale Online en doe de moeite om woorden op te zoeken waarvan je twijfelt aan de spelling. Lees je teksten na vooraleer je ze verzendt of publiceert. Lees ze na op papier, want dan zie je veel meer details dan op scherm. Of laat je teksten nalezen door iemand anders.

    Maar bovenal: relax, en zie spelling in haar juiste – relatieve – context. Een spelfout is geen karakterfout. Van spelling hangen zelden levens af. Ze kunnen wel je professionele imago schaden. Afhankelijk van hoe zwaar je daaraan tilt en in welke beroepscontext je werkt, is spelling meer of minder belangrijk.


    Editing the buddhist way

    maandag 12 oktober 2009

    The way I see it, editing is a very “buddhist” activity – you’ve got to make your own ego very transparent and serve the author’s voice, not show off with your own skill. I think a good editor should be invisible, or at least make themselves as transparent as possible. You know something’s happened to the text but you can’t exactly pinpoint what. Sometimes I even have to look for what exactly it was I did to a text when a customer tells me I made it so much better. It’s very much in the details. But I guess that’s a personal thing – I think I’ve got a “minimalist” editing style, I will never bulldozer through a text.